. Gedrag, leren en ontwikkeling; Therapeutische en/of wetenswaardige verhalen - Welkom bij Therapeutisch Centrum Zonnekeer

pl-0000-esculaap.jpg

Home | Agenda | Contact | Sitemap: | Main view:   www.zonnekeer.nl


 Therapeutisch centrum Zonnekeer
  Nieuws/Therapeutische en/of wetenswaardige verhalen
   Gedrag, leren en ontwikkeling Alle (individuele) therapieŽn en of bijeenkomsten/behandelingen kunnen bij u thuis plaatsvinden.

 
Visie/Het centrum
 
TherapieŽn, trainingen & workshops
 
Tarieven
 
Het Team
 
Foto's
 
Veel gestelde vragen
 
    Begrippenlijst
 
Therapeutische verhalen overzicht
    Gedrag, leren en ontwikkeling deel 1 
    Gedrag, leren en ontwikkeling deel 2 
 
Nieuws
 
Dossier depressie
 
Interessante links
 
Reactieformulier
 
Zoeken
 
Downloaden
 

Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

Het schrijven over traumatische gebeurtenissen kan helpen bij het verwerken van zoín gebeurtenis.
Wij moedigen mensen aan om hun verhaal op te schrijven. Deze omnibus is samengesteld aan de hand van de verhalen die wij hebben gekregen. De herkomst en authenticiteit van de verhalen en schrijvers is door ons niet nagegaan. Wij hebben de schrijvers aangemoedigd, hun verhaal aan een groter publiek te vertellen door middel van het publiceren van deze verhalen op deze site en in diverse tijdschriften.

  Therapeutische en/of wetenswaardige verhalen
    Gedrag, leren en ontwikkeling

pl-0000-zon-01.jpg


pl-5000-ntr-weer-lucht-avondrood-01.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen

Gedrags- en leerstoornissen; Overzicht van gedrags- en leerstoornissen ADHD, dyslexie en PDD-NOS.... Bron internet: Google
Tegenwoordig krijgen kinderen al snel een stempel als ze niet helemaal aan het perfecte plaatje voldoen. Is je kind erg druk? Nou, dan zal het wel ADHD hebben. Leest je zoon of dochter langzaam? Grote kans dat het dyslectisch is. Maar wat is nu eigenlijk wat?

ADD: Attention Deficit Disorder
ADD wordt veroorzaakt door een afwijking in de werking van de neurotransmitters. Dit leidt tot een veranderde activiteit in bepaalde gebieden van de hersenen. ADD'ers hebben concentratieproblemen en kunnen niet lang hun aandacht ergens bij houden. Maar niet altijd. Ze kunnen juist ook volledig op gaan in iets. Dit wordt wel hyperfocus genoemd. Ze zijn dan zo bezig met ťťn ding, dat niets anders er meer toe lijkt te doen.

ADHD: Attention Deficit Hyperactivity Disorder
ADHD is een veelvoorkomende neurologische gedragsstoornis. Kenmerkend zijn een zeer grote beweeglijkheid, vrijwel altijd druk gedrag en het onvermogen om voldoende aandacht te besteden aan uiteenlopende zaken. Niet alleen uit de stoornis zich in druk gedrag, ADHD'ers kennen ook veel onrust in het hoofd.

Asperger
Het syndroom van Asperger is een ontwikkelingsstoornis. De aandoening is vernoemd naar de kinderarts dr. Hans Asperger. Het syndroom kenmerkt zich door beperkingen in de sociale interacties en een beperkt repertoire aan interesses en activiteiten. Anders dan bij de klassieke autistische stoornis is er geen sprake van vertraging in de ontwikkeling van de taalvaardigheid op lage leeftijd. Er is een normale tot hoge intelligentie en een gemiddelde neiging tot het maken van contact.

pl-5000-ntr-weer-lucht-avondrood-01.jpg
Autisme
Autisme is niet ťťn aandoening. Men spreekt wel van autismespectrumstoornissen (ASS): een brede waaier van allerlei verschillende uitingen van de aandoening. Binnen dat spectrum horen subgroepen als klassiek autisme, syndroom van Asperger, PDD-NOS.

Autisme - Atypisch autisme
Atypisch autisme is een pervasieve ontwikkelingsstoornis. Veel van de symptomen komen overeen met die van autistische stoornis, maar beginnen in een later stadium van de ontwikkeling van het kind (na het derde levensjaar) of voldoen niet aan de criteria voor sociale interactie, communicatie en verbeelding die voor autistische stoornis zijn gesteld. Atypisch autisme wordt vaak gezien bij kinderen met ernstige mentale retardatie of bij kinderen met een ernstige specifieke ontwikkelingsstoornis van het taalvermogen.

Autisme - Klassiek autisme
Iemand met autisme kan geen normaal contact met mensen maken en reageert niet op sociale signalen. Autisten zijn erg op zichzelf gericht en afgesloten voor de buitenwereld. Bezigheden en interesses zijn beperkt, motorische handelingen worden vaak herhaald, zoals bijvoorbeeld het fladderen met de handen. Het denken is weinig creatief en het lukt slecht problemen op te lossen.

CD: Conduct Disorder (gedragsstoornis)
Ook CD, de antisociale gedragsstoornis, valt onder de ontwikkelingsstoornissen. Kinderen met CD, pesten, bedreigen en intimideren. Ze hebben een gebrek aan respect voor anderen.
Kinderen met CD hebben geen boodschap aan de gevoelens van andere mensen, omdat ze zich heel moeilijk in een ander kunnen verplaatsen. Ze pesten en intimideren. Ze spijbelen en lopen weg van huis. Ze doen anderen pijn, mishandelen mensen en dieren, maken spullen expres stuk.
Seksueel contact dwingen ze desnoods af. Kinderen en jongeren die met CD kampen, lopen een groot risico later in de (gewelddadige) criminaliteit terecht te komen.

DCD: Developmental Coordination Disorder
DCD staat voor Developmental Coordination Disorder, in het Nederlands vertaald als stoornis in de ontwikkeling van de coŲrdinatie van bewegingen.
Soepel bewegen, praten, uit je woorden komen, jezelf aan- en uitkleden, tandenpoetsen, billen afvegen, met mes en vork eten, veters strikken, een bal gooien en vangen, met een pen schrijven etc. Het lijkt allemaal zo gewoon dat kinderen deze vaardigheden leren. Voor sommige kinderen is dat echter niet zo gewoon. Dat kunnen kinderen zijn met DCD.
DCD is een verzamelnaam voor een aantal kenmerken van (licht) gestoorde motorische functies, zoals een lage spierspanning, een grote bewegingsonrust, coordinatieproblemen of problemen met fijnmotorische vaardigheden. Deze problemen kunnen apart voorkomen, maar veel vaker treden ze in combinatie op.

Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd
De desintegratiestoornis van de kinderleeftijd, ook wel syndroom van Heller genoemd, is een psychische aandoening die in het DSM-V is ingedeeld bij de pervasieve ontwikkelingsstoornissen. Kinderen met deze aandoening ontwikkelen zich de eerste twee jaar (of langer) van hun leven normaal, maar voor het tiende levensjaar raken ze eerder opgedane vaardigheden op het gebied van taal, sociaal gedrag, communicatie en motoriek weer kwijt. Verder gaan ze beperkt, repetitief of stereotiep gedrag vertonen. In enkele opzichten vertoont de aandoening overeenkomsten met het syndroom van Rett.

Dyscalculie
Kinderen met dyscalculie hebben ernstige problemen met (leren) rekenen. Ze hebben veel moeite met het aanleren en automatiseren van de basisvaardigheden van rekenen en wiskunde. Een kind met dyscalculie heeft problemen met de plaats van getallen en maakt veelvuldig omkeringen van getallen. Ook kan een kind geen associaties maken met eerder opgedane kennis.

Dyslexie
Niet kunnen lezen, dat betekent dyslexie letterlijk. De term komt uit het Latijn, want dys = niet goed functioneren, lexis = taal of woorden. Bij dyslexie gaat lezen, spellen en ook zelf schrijven, gezien de leeftijd en het onderwijsniveau, veel te moeizaam, terwijl iemand wel een gemiddelde intelligentie heeft. Er is alleen sprake van dyslexie als er geen andere oorzaken zijn die de leesproblemen kunnen verklaren. Bij dyslexie kunnen zowel lees- als spellingsproblemen voorkomen, maar deze komen ook los van elkaar voor.

pl-5000-ntr-weer-lucht-avondrood-01.jpg
MCDD: Multiple Complex Developmental Disorder
MCDD is de afkorting van de Engelse term Multiple Complex Developmental Disorder. In het Nederlands: Meervoudige complexe ontwikkelingsstoornissen.
Deze stoornis wordt beschouwd als een variant van bepaalde autistische stoornissen. MCDD is nog niet officieel opgenomen in het algemeen gebruikte psychiatrisch handboek (de DSM), maar wordt als beschrijving van bepaalde psychiatrische problemen van kinderen al wel regelmatig door kinder- en jeugdpsychiaters gebruikt.
Regulatieproblemen
Hoewel MCDD wordt beschouwd als een variant van het autisme of PDD-NOS, staan bij kinderen met MCDD niet de contactproblemen op de voorgrond maar de problemen bij het reguleren van emoties en gedachten.
Een beetje angst ontaardt bij hen meteen in paniek, een beetje boosheid wordt razernij. Hun veel te sterke fantasie zorgt ervoor dat hun gedachten met hen op de loop kunnen gaan, waardoor fantasie en werkelijkheid niet meer uit elkaar worden gehouden.
Soms vertellen ze over 'stemmetjes' of 'mannetjes' in hun hoofd die hen regeren zonder dat ze zich daartegen kunnen verzetten. Het regulatiemechanisme, de innerlijke thermostaat die emoties en gedachten in evenwicht houdt, werkt bij hen kennelijk minder goed.
Zicht op sociale verhoudingen
Kinderen met MCDD nemen wel initiatieven tot contact met anderen, maar missen vaak het vermogen sociale verhoudingen goed te doorzien. In de geborgenheid en veiligheid van een een-op-een-relatie met een volwassene kunnen ze vaak redelijk functioneren. Het gaat mis zo gauw de situatie complexer of minder overzichtelijk wordt.
Op het schoolplein, in de winkel, op het verjaardagspartijtje, op het familiefeest ontsporen deze kinderen heel snel en reageren dan met angst of woede.

NLD: Non verbal learning disabilities
NLD is een afkorting van de Engelse term Non-verbal Learning Disabilities. Letterlijk vertaald betekent dat 'non-verbale leerstoornissen', ofwel: leerstoornissen die betrekking hebben op non-verbale informatie. Op zich kan deze term verwarring geven, omdat kinderen met dit beeld verbaal zeer vaardig kunnen overkomen, maar toch problemen kunnen hebben met bepaalde aspecten van taal (met name de betekenis en het begrip van talige boodschappen).
Kinderen met NLD hebben problemen met het verwerken van non-verbale informatie. Ze komen verbaal vaak zeer vaardig over, maar hebben moeite met het verwerken van zintuiglijke prikkels. NLD is soms moeilijk te herkennen, omdat bepaalde kenmerken zich ook bij andere ontwikkelingsstoornissen voordoen. De problemen uiten zich in de motoriek, het ruimtelijk inzicht, het inzicht in oorzaak-gevolg-relaties, de schoolse vaardigheden bij rekenen en schrijven, het werktempo en het 'sociale snapvermogen'.

ODD: Oppositional Defiant Disorder (oppositioneel-opstandige stoornis)
ODD staat voor Oppositional Defiant Disorder en is een opstandige gedragsstoornis. Kinderen met ODD zijn vaak driftig, ongehoorzaam, zoeken vaak ruzie en zijn snel gefrustreerd. ODD is een aangeboren stoornis, maar kan verergeren door omgevingsfactoren. De stoornis gaat niet over, je moet er mee om leren gaan.

PDD-NOS: Pervasive Developmental Disorder-Not Otherwise Specified
PDD-NOS is de afkorting van Pervasive Developmental Disorder Not Otherwise Specified, een Engelse naam voor stoornissen die worden gerekend tot de pervasieve ontwikkelingsstoornissen. Pervasieve ontwikkelingsstoornissen is de overkoepelende naam voor stoornissen waartoe ook het autisme behoort, de autismespectrumstoornissen (ASS).
Bij PDD-NOS zijn er kenmerken van autisme aanwezig, maar niet genoeg om als klassiek autisme of syndroom van Asperger aangeduid te worden.

Rett (syndroom van Rett)
Het syndroom van Rett, ook wel rettsyndroom of kortweg rett, is een aangeboren aandoening die vrijwel alleen bij meisjes voorkomt en leidt tot ernstige geestelijke en lichamelijke invaliditeit. De stoornis is vrij zeldzaam, met circa tien nieuwe gevallen per jaar in Nederland, een incidentie van 1 meisje per 12 000 tot 1 per 18 000.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven: Overzicht verhalen


pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> ADD-ADHD

ADHD; Gedragsstoornissen bij kinderen. Als je kind altijd opstandig en agressief is. Bron: www.google.nl
Pesten, vechten, liegen, stelen, spijbelen… Het is vervelend gedrag waaraan veel kinderen zich wel eens schuldig maken. Maar sommigen lijken altijd wel opstandig en agressief zijn. Ze maken continu ruzie en houden zich nooit aan de regels. Bij hen is er mogelijk sprake van een gedragsstoornis.

Hij kan zo driftig en wraakzuchtig zijn, je zoon. Steeds weer is hij uit op ruzie, steeds opnieuw probeert hij het bloed onder je nagels vandaan te halen. Opzettelijk, en meestal zonder aanwijsbare reden.

Problemen
Zo gedraagt hij zich trouwens niet alleen thuis. Ook op school en op de sportclub veroorzaakt hij om de haverklap problemen. Hij drijft zijn onderwijzer en trainer tot wanhoop, maar kan ook niet met de andere kinderen overweg. Je zit dus met je handen in het haar.

Natuurlijk gaan veel kinderen door een opstandige periode heen. Meestal is het wel duidelijk waardoor dat komt. Denk bijvoorbeeld aan de puberteit of problemen thuis, zoals een echtscheiding.

Maar om dit soort situaties gaat het bij een gedragsstoornis niet. Een gedragsstoornis is namelijk niet van tijdelijke aard. Het gaat om problemen die al heel lang spelen en maar niet lijken op te houden. Als je hier bij je kind tegenaan loopt, kun je het best deskundige hulp zoeken.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
Twee soorten stoornissen
Er bestaan twee soorten gedragsstoornissen. Je hebt opstandige gedragsstoornissen, die kortweg ODD heten: Oppositional Defiant Disorder. Daarnaast zijn er de antisociale gedragsstoornissen, ook wel CD (Conduct Disorder) genoemd. ODD komt bij iets meer dan drie procent van de kinderen voor en CD bij ongeveer twee procent.

ODD
Maar waar staan die ingewikkelde termen nou precies voor? Laten we bij ODD beginnen. Kinderen en jongeren die hiermee kampen, zijn erg ongehoorzaam en lastig in de opvoeding.

Het zijn prikkelbare driftkikkers, ze voelen zich altijd aangevallen, ergeren zich aan iedereen en geven anderen de schuld van hun eigen fouten. Ze verzetten zich overal tegen, maar gedragen zich niet gewelddadig.

CD
Kinderen met CD hebben geen boodschap aan de gevoelens van andere mensen, omdat ze zich heel moeilijk in een ander kunnen verplaatsen. Ze pesten en intimideren. Ze spijbelen en lopen weg van huis. Ze doen anderen pijn, mishandelen mensen en dieren, maken spullen expres stuk.

Seksueel contact dwingen ze desnoods af. Kinderen en jongeren die met CD kampen, lopen een groot risico later in de (gewelddadige) criminaliteit terecht te komen.

ODD en CD gaan vaak gepaard met andere problemen, zoals ADHD (aandachtstekort met hyperactiviteit), stemmingsstoornissen, leerproblemen en verslaving. Bij jongens komen gedragsstoornissen vaker voor dan bij meisjes.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
Oorzaak
Er is vroeger veel discussie geweest over de oorzaak van gedragsstoornissen. De ene groep deskundigen was van mening dat het allemaal aan de ouders lag, de andere groep hield het op een aangeboren stoornis.

Tegenwoordig wordt er niet meer zo zwart-wit gedacht. Men gaat ervan uit dat de waarheid ergens in het midden ligt. Een deel is dus genetisch bepaald, maar de omgeving speelt ook een belangrijke rol. Zo kunnen een gebrek aan emotionele warmte en steun het risico op een gedragsstoornis vergroten.

Schaamte
Het spreekt voor zich dat het ontzettend zwaar is om een kind met gedragsproblemen op te voeden. Het wordt extra zwaar als je je door je eigen kind bedreigd voelt. Of als hij zijn broertje, zusje of huisdier mishandelt. Dat zijn geen dingen waar je gemakkelijk over praat. De meeste ouders schamen zich ervoor.

Toch is het belangrijk om zo vroeg mogelijk aan de bel te trekken bij de hulpverlening. Gedragsstoornissen gaan namelijk niet vanzelf over. Je kunt dus het best een afspraak maken met je huisarts of een Bureau Jeugdzorg. Die kunnen je doorverwijzen naar een kinderpsychiater.

Behandeling
De kinderpsychiater is de aangewezen persoon om een definitieve diagnose te stellen. Hij zal zich daarvoor onder meer baseren op gesprekken met jou als ouder. Daarbij wil hij allerlei dingen horen over de voorgeschiedenis van je kind. Natuurlijk praat hij ook met je zoon of dochter zelf en observeert zijn of haar gedrag.

Vervolgens bepaalt de psychiater welke behandeling er nodig is. Als jouw gezin het aan kan, wordt je kind behandeld terwijl hij gewoon thuis blijft wonen. Waarschijnlijk zal hij gedragstherapie krijgen om anders met situaties te leren omgaan.

Maar ook jij en je gezin krijgen mogelijk begeleiding om de problemen de baas te kunnen. Als de situatie thuis echt onhoudbaar is, wordt er een uithuisplaatsing overwogen.

Het vervelende nieuws is helaas dat gedragsstoornissen over het algemeen niet te genezen zijn. Gelukkig kan probleemgedrag door een goede behandeling wel verminderd worden.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Training & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5000-ntr-waterval-andre-12.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> ADD-ADHD

ADD; 6 tips voor ouders van een kind met ADHD. Hoe ga je om met een kind met ADHD? WebMD
Ouders van een kind met ADHD hebben vaak nog meer hun handen vol aan de opvoeding dan andere ouders. Heeft je kind ADHD? Dan is de kans groot dat je kind slecht luistert, snel afgeleid is en druk en impulsief is. Hierdoor kan het thuis onrustig zijn, maar het kan bijvoorbeeld ook zorgen voor slechte schoolprestaties. Maar dat hoeft niet.

We hebben een aantal tips op een rij gezet.

1. Structuur
Voor alle kinderen is structuur belangrijk, maar helemaal voor kinderen met ADHD. Maak dan ook met het hele gezin duidelijke afspraken en schrijf deze op. Ook kan het handig zijn een overzicht op te hangen met taken. Maak ook een lijst met huisregels en zorg ook dat iedereen zich houdt aan gemaakte afspraken.

2. Consequent
Het klinkt heel veel voorspelbaar, maar wees consequent. En dan ook echt. Heeft je kind zes keer gevraagd of het televisie mag kijken? Zeg ook de zevende keer nee. Ga je overstag en geef je toe? Grote kans dat hij de volgende keer weer lekker doorzeurt totdat iets wel mag.

3. Niet overbeschermen
Bescherm je kind niet te veel, maar leer het onafhankelijk te zijn en zelfstandig problemen op te lossen. Voor kinderen met ADHD is het moeilijk om keuzes te maken en zelf dingen te ondernemen. Juist daarom moet dit ze geleerd worden.

4. Haalbare eisen
pl-5000-ntr-waterval-andre-12.jpg Stel niet te veel eisen en wees duidelijk. Vraag bijvoorbeeld niet zijn kamer op te ruimen, maar geef ťťn taak per keer. Dus apart zeggen: maak je bed op. Als hij daar mee klaar is pas vragen om het speelgoed in de kist te doen. Voor kinderen met ADHD is het al moeilijk genoeg ťťn ding te onthouden. Vaak zijn ze in hun hoofd al weer met wat anders bezig dan met dat wat ze op dat moment aan het doen zijn.

5. Positieve benadrukken
Veel ADHD'ers kampen met een laag zelfbeeld, weinig zelfvertrouwen en soms zelfs depressie. Vaak omdat ze de hele dag gecorrigeerd worden en ze vertelt wordt dat ze dingen niet mogen en dat ze rustig moeten doen. Probeer niet de hele dag te corrigeren, maar juist te stimuleren. ADHD'ers zijn vaak heel slim en creatief. Door hun sterke kanten te benadrukken, zal ook hun zelfvertrouwen groter worden.

6. ADHD nooit als excuus gebruiken
Tot slot. Gebruik ADHD nooit als excuus. Sommige dingen zijn natuurlijk moeilijker als je ADHD hebt, maar laat je kind ADHD nooit als excuus gebruiken. Hij moet leren dat hij zelf verantwoordelijkheden heeft. Zo zal bijvoorbeeld het maken van huiswerk moeilijker zijn, maar niet onmogelijk.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5000-ntr-bos-andre-01.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> ADD-ADHD

ADHD; Meer zonlicht leidt tot minder ADHD. Bron internet: Google
In landen waar de zon vaker schijnt komt minder ADHD voor. Dat blijkt uit een onderzoek dat vrijdag is gepresenteerd tijdens het World Congress of ADHD.

In het onderzoek komt naar voren dat in zonnige landen zoals Spanje, ItaliŽ en Mexico minder ADHD voorkomt onder de bevolking.
De onderzoekers van de Universiteit Utrecht, Onderzoeksinstituut Brainclinics, de Universiteit Leiden, en de Ohio State Universiteit (VS) ontdekten dat dit te maken heeft met het effect van zonlicht op de biologische klok.
In zonnige landen worden mensen gedurende de dag meer blootgesteld aan zonlicht dan mensen die daar niet wonen. Dit zorgt ervoor dat de biologische klok van de mensen met minder zonlicht vaker verstoord zijn, wat leidt tot slaapproblemen.

Slaapproblemen
Het is al langer bekend dat er een verband is tussen slaapproblemen en aandachtsproblemen. Zo hebben mensen met ADHD vaak moeite met het in slaap komen. Nu blijkt dat deze slaapproblemen bij veel mensen de oorzaak zijn van hun aandachtsprobleem.
De onderzoekers vermoeden dat het intensief gebruik van smartphones en tablets in de avond ook leidt tot de slaapproblemen.
Vooral de populairteit van social media zorgt ervoor dat meer mensen 's avonds voor het slapen nog even op de apparaten kijken. Het blauwe licht van de schermen zorgt vervolgens voor een verstoring in de biologische klok.

Oplossingen
Door dit onderzoek kan er in de toekomst worden gekeken naar het behandelen van de slaapprobleem van mensen met ADHD om zo hun stoornis te behandelen.
Volgens de onderzoekers kunnen er ook preventieve maatregelen worden genomen. Zo zouden fabrikanten onderzoek kunnen doen naar de mogelijkheid van het installeren van bepaalde standen op smartphones en tablets die de kleur van het licht van de schermen gedurende dag kunnen aanpassen.
Maar er zijn ook simpelere oplossingen die genomen kunnen worden. Meer licht in de klaslokalen en het vaker pakken van de fiets in plaats van de auto kunnen ook al helpen bij het verminderen van de verstoringen in de biologische klok.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-7000-dier-koe-03.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> ADD-ADHD

ADHD; Meer verbanden tussen ADHD en autisme ontdekt. Bron internet: Google
Kinderen met ADHD hebben twintig keer zo vaak een aantal autistische trekken als kinderen zonder ADHD.

Dat blijkt uit een onderzoek van Harvard Medical School.
Aan de studie namen 242 kinderen van 6 tot 18 jaar met ADHD deel en een controlegroep van 227 leeftijdsgenoten zonder ADHD. Bij deze deelnemers was geen autisme vastgesteld.
De kinderen en hun ouders vulden een aantal vragenlijsten in over hun gedrag. Dit werd vergeleken met de eigenschappen die volgens de algemeen geaccepteerde definitie bij autisme passen.

Autisme
Zo ontdekten de onderzoekers dat 18 procent van de kinderen met ADHD gedrag vertoonde dat gebruikelijk is bij autisten.
Bijvoorbeeld een trage taalontwikkeling, moeite met de omgang met anderen en problemen met plannen en organiseren. In de controlegroep had maar 0,87 procent autistische kenmerken.

Genetisch
Volgens de onderzoekers wijst dit onderzoek in combinatie met eerdere studies erop dat ADHD en autisme een bepaald genetisch verband hebben.
"De genetische markers voor ADHD worden ook in verband gebracht met autisme. De autistische kenmerken kunnen ook voorkomen bij andere problemen. Ik ben ervan overtuigd dat ze ook kunnen voorkomen bij kinderen met gedragsproblemen en angststoornissen", zegt Joseph Biederman, hoogleraar in de psychiatrie aan Harvard Medical School.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5000-ntr-pdstl-18.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> ADD-ADHD

ADHD; Verslaafden hebben vaker ADHD. Bron internet: Google
ADHD komt vier keer meer voor onder volwassenen die verslaafd zijn aan alcohol en drugs. Dat blijkt uit het proefschrift van een Trimbos-onderzoeker.

Ruim 3500 patiŽnten in de verslavingszorg uit de Verenigde Staten, AustraliŽ en acht Europese landen, waaronder Nederland werden bevraagd.
Uit het onderzoek blijkt dat 5 tot 22 procent van de alcoholverslaafden en 12 tot 57 procent van de drugsverslaafden ADHD hebben. Van de gezonde, volwassen bevolking heeft ongeveer 2,5 procent deze stoornis.

Niet ontdekt
Bij veel verslaafden wordt niet ontdekt dat ze ADHD hebben. VEr is een methode onderzocht om verslaafden te kunnen screenen op ADHD.

Vals positief
De test pikte de meeste mensen met ADHD eruit, maar had als nadeel dat veel mensen die geen ADHD hadden ook een positieve uitslag krijgen. De onderzoeker stelt dat de screening van ADHD binnen de verslavingszorg nog veel verbetering behoeft.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5000-ntr-strand-11.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> ADD-ADHD

ADHD; ADHD'ers hebben vaker darmproblemen. Bron internet: Google
Kinderen met ADHD hebben vaker last van verstopping en ontlastingsincontinentie dan leeftijdsgenoten zonder ADHD. Dat blijkt uit een onderzoek van de Uniformed Services University of the Health Sciences.

Voor het onderzoek werden de gegevens van bijna 750.000 kinderen van 4 tot 12 jaar verzameld.
Van deze deelnemers kregen er 33.000 de diagnose ADHD. Hiervan bleek 4,1 procent last te hebben van obstipatie. Van de kinderen zonder ADHD had maar 1,5 procent last van verstopping. Bovendien had 0,9 procent van de ADHDíers ontlastingsincontinentie, tegenover maar 0,15 procent van de leeftijdsgenoten zonder ADHD.

Obstipatie
Zelfs als de resultaten werden gecorrigeerd voor andere factoren, zoals leeftijd, geslacht en plaats in het gezin, bleken ADHDíers zes keer zo vaak obstipatie en drie keer zo vaak ontlastingsincontinentie te hebben als leeftijdsgenoten zonder ADHD.

Huisarts
"We ontdekten ook dat kinderen met ADHD vaker bij de huisarts kwamen, wat suggereert dat zij ook ernstigere obstipatie en ontlastingsincontinentie hebben dan andere kinderen", zegt Cade Nylund.

Geen oorzaak
Hoewel het onderzoek een relatie tussen ADHD en darmproblemen aantoont, bewijst het niet dat de gedragsstoornis de verstopping of incontinentie veroorzaakt. "Mogelijk reageren kinderen met ADHD niet op lichamelijke signalen dat ze naar de wc moeten. Ze vinden het misschien lastig om te stoppen met andere of leukere activiteiten waarmee op dat moment bezig willen zijn", aldus Nylund.
De resultaten verschenen in Pediatrics.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5000-ntr-waterval-andre-12.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Gedrag ==> Agressie

Agressie; Kinderen die veel tv kijken hebben later vaker een strafblad. Bron internet: Google
Kinderen die veel tv kijken, hebben later in hun leven meer kans op een strafblad en een agressieve persoonlijkheid.

Een onderzoek in Nieuw-Zeeland laat een sterke correlatie zien tussen veel televisie kijken als kind en anti-sociaal gedrag als jongvolwassene.
Onderzoekers van de Universiteit van Otago volgden zo'n 1000 proefpersonen die geboren waren in de vroege jaren 70 van geboorte totdat ze 26 jaar waren. Ze keken naar het kijkgedrag van de proefpersonen tussen de leeftijd van 5 en 15 jaar.
"Met ieder uur dat kinderen gemiddeld op een doordeweekse avond televisie kijken, stijgt de kans dat ze als jong-volwassene een strafblad hebben met 30 procent", vertelt ťťn van de auteurs van het onderzoek aan AFP.

Negatieve emoties
Uit de studie blijkt ook een verband tussen veel tv kijken en een agressieve persoonlijkheid en een grotere neiging tot negatieve emoties. Het verband bleef bestaan toen de resultaten werden gecorrigeerd op andere factoren als intelligentie, sociale status en ouderlijk toezicht.
De onderzoekers willen niet beweren dat tv kijken anti-sociaal gedrag veroorzaakt. "Maar onze resultaten geven wel aan dat minder televisie kijken hiertegen kan helpen."

Minder sociaal contact
Het verband is volgens de wetenschappers niet alleen te verklaren door de inhoud van de programma's waar kinderen naar kijken. Veel televisie kijken kan ook zorgen voor minder sociaal contact met leeftijdgenoten en ouders, slechtere schoolprestaties en een grotere kans op werkloosheid.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-50.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Foliumzuur verkleint kans op autisme. Bron internet: Google
Vrouwen die foliumzuur slikken in een vroeg stadium van hun zwangerschap, halveren het risico op een kind met autisme.

In een later stadium met foliumzuur beginnen heeft geen effect.
Dat blijkt uit resultaten van de ABC-study - een onderzoek onder Noorse moeders en hun kinderen - uitgevoerd door onder andere het Noorse Instituut voor Volksgezondheid en de Colombia University in New York.
Vrouwen die vier weken voor de conceptie tot acht weken in de zwangerschap foliumzuur slikten hadden een 40 procent kleinere kans op een kind met klassiek autisme.
Op de ontwikkeling van atypisch autisme en Asperger had foliumzuur geen effect. Ook andere voedingssupplementen verkleinden het risico niet. Ditzelfde geldt voor de inname van foliumzuur via de voeding.

Belang
"Het is niet zo dat ons onderzoek bewijst dat foliumzuur autisme kan voorkomen", legt onderzoeker Pal Suren uit. "Maar het biedt zeker aanknopingspunten voor vervolgonderzoek. Daarbij benadrukt het het belang van foliumzuur".
De ABC-study volgt moeders en kinderen die geboren zijn tussen 2002 en 2008. In totaal omvat de studie 85.176 kinderen. Het onderzoek is gepubliceerd in het Journal of the American Medical Association.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-42.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Duits computerbedrijf zoekt autistisch personeel. Bron internet: Google
Het Duitse computerbedrijf SAP is op zoek naar honderden mensen met autisme voor het vervullen van technologische topfuncties.

Het bedrijf uit wil 500 autistische IT-medewerkers in dienst nemen 'omdat ze anders denken dan andere mensení.
Welke vaardigheden het bedrijf precies denkt te vinden bij autisten, komt niet naar voren in het door het bedrijf uitgezonden persbericht.

Sollicitaties
Bij het bedrijf werken wereldwijd 65.000 mensen. In het jaar 2020 moet 1 procent daarvan autistisch zijn. De sollicitaties gaan dit jaar van start in Duitsland, Amerika en de Verenigde Staten. Experts met veel kennis over autisme leiden alles in goede banen, staat op de website van SAP.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-08.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Autisme bij muizen teruggedraaid. Bron internet: Google
Overproductie van bepaalde eiwitten zorgt bij muizen voor autisme-achtige kenmerken.

Dat schrijven Canadese onderzoekers van de McGill Universiteit in Montreal.
De wetenschappers ontdekten dat overproductie van zogenaamde neuroligines autisme-achtige eigenschappen bij muizen veroorzaakte, zoals repeterende interesse.
Neuroligines zijn eiwitten die betrokken zijn bij de aanmaak van synapsen, de verbindingen tussen hersencellen die verantwoordelijk zijn voor het uitwisselen van informatie tussen deze cellen.

Uit balans
Als het aantal en de activiteit van synapsen uit balans is, heeft dat een verstoorde informatieoverdracht en daarmee psychische aandoeningen tot gevolg.
Wetenschappers wijten autisme vooral aan hyperconnectiviteit, oftewel een overschot aan verbindingen, in bepaalde hersendelen. Al eerder ontdekten onderzoekers dat mutaties in neuroliginegenen vaker voorkwamen bij mensen met autisme.

Medicijnen
Hoopgevend was dat het de Canadezen lukte om de overproductie van neuroligines terug te dringen en daarmee autisme terug te draaien. Ze bereikten dat door de muizen medicijnen te geven die de aanmaak van eiwitten in het algemeen, en daarmee ook neuroligines, terugdrongen.
Deze manier van behandelen is vrij ruw en niet geschikt voor mensen, maar de onderzoekers hopen dat nu het mechanisme bekend is,er snel geschiktere medicijnen beschikbaar komen.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-10.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Stemgeluid niet prettig voor kinderen met autisme. Bron internet: Google
Kinderen met autisme hebben mogelijk problemen met het menselijk stemgeluid. Zij vinden het niet zo prettig om naar een stem te luisteren.

Dat stellen onderzoekers van de Stanford University in de Proceedings of the National Academy of Sciences.
De wetenschappers vonden bij kinderen met autisme minder sterke verbindingen tussen het hersengedeelte dat stemgeluid verwerkt en het beloningscentrum. Normaal gesproken ervaren kinderen het stemgeluid als iets prettigs, voor kinderen met autisme lijkt dit niet zo te zijn.

Signalen
"Wanneer we praten, brengen we niet alleen informatie over, maar ook emoties en sociale signalen", legt onderzoeker Daniel Abrams uit. Het is bekend dat kinderen met autisme moeite hebben om deze signalen te lezen en een conversatie te volgen. Kinderen met ernstige autisme lijken zelfs helemaal ongevoelig voor het geluid van de menselijke stem.
Samen met zijn collega's maakte Abrams scans van de hersenen van 20 kinderen. De kinderen waren gemiddeld 10 jaar oud en hebben een lichte vorm van autisme. Zowel het IQ als de lees- en spreekvaardigheden van de kinderen waren normaal, maar ze hadden wel moeite met het interpreteren van emotionele signalen in de stem van andere mensen. De onderzoekers keken ook naar 19 kinderen zonder autisme, met een vergelijkbare leeftijd en IQ.

Verbindingen
De onderzoekers vonden bij de kinderen met autisme een minder sterk verband tussen het hersengebied dat reageert op de menselijke stem en twee andere gebieden die dopamine vrijmaken. Dopamine is een chemische stof die een goed gevoel geeft. Daarnaast was er een minder sterke verbinding tussen het stemgebied en de amygdala, het hersengebied dat betrokken is bij emotie.
Het is onduidelijke of er sprake is van een oorzakelijk verband. Groter vervolgonderzoek moet dit uitwijzen.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Vijf veelgestelde vragen over autisme. Bron internet: Google
Je hoort er steeds vaker over: kinderen die het 'labeltje' autistisch krijgen opgeplakt. En ook bij volwassenen wordt het regelmatig vastgesteld. Maar wat is autisme nu precies. En is het te genezen? Vijf veelgestelde vragen beantwoord.

1. Wat is autisme?
Het woord autisme komt van het Griekse auto: zelf. Mensen met autisme zijn extreem in zichzelf gekeerd. Andersom kun je zeggen dat zij zich geen beeld kunnen vormen van wat er zich afspeelt in de mensen om hen heen.
Iemand met autisme heeft geen zogenoemd 'theory of mind'; geen begrip van de gedachten en de gevoelens van anderen. Dat zorgt voor allerlei communicatieproblemen. En die versterken weer de neiging om zich op te sluiten in zichzelf. Autisme wordt meestal vastgesteld doordat kinderen laat gaan spreken. Zulke kinderen leren niet goed om een gesprek te beginnen of te onderhouden en ze maken weinig of geen gebruik van gebaren - zoals iemand aankijken of toeknikken - om een gesprek te ondersteunen. Ook volwassenen met autisme doen dit niet. Sommige mensen met autisme, maar niet allemaal, hechten sterk aan vaste rituelen of routines. Zij maken steeds dezelfde lichaamsbewegingen of herhalen telkens dezelfde woorden. Routines helpen bij het ordenen van de mentale chaos, die ontstaat doordat zij zintuiglijke informatie moeilijk kunnen verwerken.

2. Hoe komt het dat je tegenwoordig veel hoort over autisme?
Autisme is een ontwikkelingsstoornis. Om de diagnose te kunnen stellen is onderzoek nodig naar het gedrag dat iemand vertoonde tijdens de jeugd. Dit kan bijvoorbeeld door ouders of naaste verwanten uitgebreid te ondervragen. De kennis en de menskracht voor zulk onderzoek is nog niet zo lang aanwezig bij hulpverleners in de geestelijke gezondheidszorg. Autisme lijkt bovendien op de symptomen van andere psychische klachten, zoals bijvoorbeeld een depressie, een verstandelijke beperking of schizofrenie. De specialistische kennis die nodig is om autisme toch te ontdekken is pas in de tweede helft van de vorige eeuw breed beschikbaar gekomen, dankzij het werk van Leo Kanner en Hans Asperger. In Nederland wordt bij kinderen vaak de diagnose pervasieve ontwikkelingsstoornis gesteld. Dit is een restcategorie; kinderen met deze stoornis hebben sommige, maar niet alle kenmerken van autisme. De populariteit van deze diagnose wordt mede verklaard doordat kinderen met PDD-NOS (de medische afkorting) in aanmerking komen voor een rugzakje, dus extra onderwijs op de basisschool.

3. Hoe wordt autisme vastgesteld?
De diagnose autisme kan worden vastgesteld door middel van een onderzoek naar het gedrag in de jeugd. Zulk onderzoek wordt meestal gedaan door een team waarin een arts, een psycholoog, een orthopedagoog en/of een maatschappelijk werker zitten. Dit is nodig omdat autisme veel verschillende levensgebieden raakt. Denk aan de ontwikkeling van taal, aan sociale vaardigheden, aan vriendschappen, aan stereotypische denkbeelden of gedrag en aan motorische ontwikkeling. Tegenwoordig mag ook een gz-psycholoog, een orthopedagoog of een psychiater alleen de diagnose stellen. Dit is vooral een praktische maatregel, die wachtlijsten moet tegengaan en de kosten moet drukken. De diagnose wordt er soms minder precies van, omdat geen enkel persoon met autisme helemaal dezelfde kenmerken heeft als een ander. Nog minder precies zijn vragenlijsten, die mensen ook op internet kunnen invullen; deze zijn vaak onbetrouwbaar.

4. Wat zijn de oorzaken van autisme?
In de afgelopen jaren is duidelijk geworden dat een genetisch afwijkend patroon ten grondslag ligt aan autisme. Maar daar is niet alles mee gezegd. De uitingsvormen van deze genetische abnormaliteit is bij ieder persoon met autisme weer anders. Vroeger werd gedacht dat er iets mis was met hun hersenen. Dit is een misvatting gebleken. Er is niet een speciaal deel van de hersenen dat 'stuk' is. Bij mensen met autisme zien verschillende delen van de hersenen er wel anders uit dan bij anderen, maar ook 'gewone' delen van de hersenen werken structureel anders dan bij mensen zonder autisme. Meestal wordt autisme beschreven in termen van een gebrek aan empathie. Mensen met autisme kunnen zich moeilijk verplaatsen in de gedachten en gevoelens van een ander mens. Daardoor hebben zij moeite om het gedrag van anderen en ook van zichzelf te voorspellen.
Voorspellingen van andermans gedrag zijn essentieel in de alledaagse communicatie, die daardoor moeizaam verloopt bij iemand met autisme. Hun vermogen tot communiceren wordt verder gehinderd doordat mensen met autisme weliswaar een verbluffend oog voor detail hebben, maar er niet in slagen om verschillende details tot een geheel te integreren. Hoe vertel je een verhaal over iets wat je hebt meegemaakt aan een ander, als je niet weet welke details iemand nodig heeft om jou te begrijpen en welke niet?

5. Hoe kun je autisme behandelen?
Autisme kan niet worden behandeld. Er is geen genezing mogelijk. Er is geen therapie en er zijn geen pillen die mensen van hun autisme af kunnen helpen. Maar dit betekent niet dat zij geen hulp zouden kunnen gebruiken.
TherapieŽn en pillen kunnen wel degelijk helpen om problemen die naar aanleiding van autisme ontstaan, zoals angst of depressie, te bestrijden. De begeleiding van mensen met autisme is verder vooral gericht op het bijschaven van hun gedrag. Zij kunnen door training leren om het gedrag van andere mensen te interpreteren, zodat ze gemakkelijker kunnen communiceren. Ook is begeleiding vaak gericht op het vergroten van de structuur in hun leven. Structuur en vaste patronen, tijdstippen en rituelen maken het leven overzichtelijker en daardoor gemakkelijker.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5000-ntr-strand-ardy-01.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Veel meer meisjes autistisch. Bron internet: Google
Voor iedere vier jongens die volgens de dokter autistisch zijn, is er ťťn meisje dat te horen krijgt dat ze deze stoornis heeft. En dat is gek, zeggen Australische onderzoekers. Autisme kent geen biologische component, dus zouden jongens en meisjes het even vaak moeten krijgen. Misschien zijn we gewoon niet zo goed in het ontdekken van deze afwijking bij meisjes.

Om te kijken of autisme zich op dezelfde wijze uit bij jongens en meisjes werd een groep autistische kinderen twee keer getest.
De helft van de groep bestond uit meisjes. Bij beide tests bleken jongens en meisjes dezelfde symptomen te hebben. Er moet dus iets anders aan de hand zijn.

Hyperactief
Volgens de AustraliŽrs wordt autisme vaker ontdekt bij jongens omdat die in veel gevallen hyperactief zijn. Dat gedrag valt op en leidt tot een bezoekje aan de dokter en de diagnose autisme. Meisjes zijn rustiger, maar hebben ondertussen dezelfde stoornis.

Slecht in sociale interactie en communicatie
Autistische kinderen zijn slecht in sociale interactie en communicatie. Ze hebben veel rituelen (al het speelgoed moet altijd op een rijtje staan) of ze vertonen dwangmatig gedrag. Dat valt bij jongens veel meer op, zo schrijven de Australische psychiaters in het vakblad Journal of Autism and Developmental Disorders. Meisjes die slecht communiceren worden gezien als gewoon bescheiden.

Aantal diagnoses explosief gestegen
Het aantal diagnoses van autisme is de afgelopen 20 jaar explosief gestegen. Als meer meisjes te horen krijgen dat ze het hebben, zal het leger gediagnosticeerde autisten alleen maar verder groeien.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6040-speeltuin-07.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Verband gewichtstoename zwangere en autisme kind. Bron internet: Google
Onderzoekers van de University of Utah tonen een verband aan tussen de gewichtstoename van moeders tijdens de zwangerschap en stoornissen die verwant zijn aan autisme.

Dat betekent niet meteen dat de extra kiloís autisme veroorzaken.
Waarschijnlijk zijn hiervoor onderliggende processen verantwoordelijk, zoals een abnormale hormoonspiegel of een ontsteking.

Verband bij twee groepen aan te tonen
Onderzoekers van de University of Utah schrijven in de novembereditie van het vakblad Pediatrics dat ze het verband bij twee groepen aan konden tonen.
In de eerste groep werden ruim honderd kinderen met stoornissen in het autismespectrum vergeleken met ruim tienduizend kinderen zonder een van deze stoornissen. In de tweede groep zetten ze bijna driehonderd kinderen met een autismespectrumstoornis tegenover hun familieleden die geen stoornis hadden.
In beide groepen bleek een kleine gewichtstoename van de moeder al verband te houden met autisme bij haar kind.

Risicofactoren van aandoeningen die aan autisme verwant zijn
Hoewel de werkelijke oorzaak van dit type stoornissen nog niet is gevonden, is dit onderzoek toch belangrijk. Het geeft aanwijzingen voor de risicofactoren van aandoeningen die aan autisme verwant zijn. Ook geeft het onderzoekers een richting om verder te zoeken naar de achterliggende oorzaken.

BMI
Eerdere studies toonden het verband aan tussen het risico op autisme bij kinderen en de BMI (Body Mass Index) van een vrouw voor haar zwangerschap en haar gewichtstoename tijdens de zwangerschap. Deze studie bouwt hierop voort.
Autismespectrumstoornissen zijn ontwikkelingsstoornissen waardoor kinderen sociale problemen hebben. Vaak kunnen ze minder goed sociaal contact leggen, minder goed communiceren en vertonen ze stereotype gedrag.
Volgens statistieken van de Amerikaanse staat Utah wordt 1 op de 63 kinderen met een autismespectrumstoornis geboren. Daarmee is het geen zeldzame aandoening meer.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-7000-dansen-p-01.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Knuffelhormoon helpt autistische hersenen. Bron internet: Google
Het knuffelhormoon oxytocine verandert de hersenactiviteit bij kinderen met autisme en maakt ze socialer. Tot die conclusie komen onderzoekers van onder andere de Yale University.

Oxytocine als behandeling voor autisme staat nog in zijn kinderschoenen, maar de resultaten van het onderzoek zijn veelbelovend.
Voor het onderzoek kregen zeventien kinderen tussen de acht en zestien jaar twee neussprays. Een placebo en eentje met oxytocine. Na het sprayen werd de hersenactiviteit bekeken terwijl de kinderen foto's te zien kregen van mensen (sociaal) en auto's (niet sociaal).

Beter focussen op sociaal relevante informatie
De delen van de hersenen die normaal gesproken in verband staan met sociale situaties waren actiever als de kinderen oxytocine hadden gekregen.
De onderzoekers zijn heel erg enthousiast over de resultaten. Alle zeventien kinderen lieten dit effect zien, maar de mate van effect verschilde wel.
Rondom oxytocine zijn nog steeds veel onduidelijkheden, maar het onderzoek suggereert dat het de sociale hersenfuncties vergroot en de niet-sociale functies vermindert. Hierdoor kunnen kinderen zich beter focussen op sociaal relevante informatie."

Vervolg
Grotere vervolgonderzoeken moeten uitwijzen van de bijwerkingen en voordelen zijn bij kinderen met autisme. Ook moet nog blijken in welke situaties het eventueel gunstig is om oxytocine te gebruiken. Maar ouders moeten hun kinderen niet zomaar oxytocine geven. Misschien heeft het geen effect, maar het kan ook schade aanbrengen.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-7000-dansen-p-01.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Meer 'knooppunten' in brein van jongeren met autisme. Bron internet: Google
Jongeren met autisme hebben bijzonder veel knooppunten van zenuwcellen in hun hersenen, zo blijkt uit nieuw onderzoek.

Dat melden onderzoekers van Columbia University in het wetenschappelijk tijdschrift Neuron.
Normaal gesproken verdwijnt ruim de helft van deze zogenoemde synapsen aan het einde van de kindertijd door een proces dat pruning wordt genoemd.
Bij jongeren met autisme wordt echter gemiddeld slechts 16 procent van deze hersenverbindingen 'gesnoeid'.

Overleden
De wetenschappers bestudeerden de hersenen van dertien jongeren met autisme die waren overleden op een leeftijd tussen de 13 en 20 jaar.
Ter vergelijking werd de hersenen onderzocht van twintig overleden jongeren die geen autisme hadden.
Het verschil in het aantal synapsen aan het einde van de kindertijd was volgens hoofdonderzoeker David Sulver zeer opvallend. "Het is voor het eerst dat iemand een gebrek aan pruning heeft ontdekt tijdens de ontwikkeling van kinderen met autisme", verklaart hij op de nieuwssite van Columbia University.
"Hoewel mensen meestal denken dat er nieuwe hersenverbindingen moeten worden gevormd als we iets leren, is de verwijdering van ongebruikte synapsen waarschijnlijk net zo belangrijk."

Medicijn
Veel synapsen in het brein van autistische jongeren blijven waarschijnlijk onaangetast, omdat een overactief eiwit met de naam mTOR het 'snoeiproces' verstoort.
Uit onderzoeken bij muizen met een vorm autisme bleek dat pruning kan worden aangewakkerd door de dieren medicijnen toe te dienen die de aanmaak van mTOR onderdrukken. Veel autistisch gedrag van de dieren verdween als gevolg van de behandeling.
Het is nog onduidelijk of een eenzelfde soort medicijn ook bij mensen zou kunnen werken. Maar de wetenschappers hopen dat een vergelijkbare behandeling ooit kan worden gebruikt om bepaalde symptomen van autisme te onderdrukken.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-7000-dansen-p-01.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Autisme

Autisme; Veel vaker autisme onder jongens. Bron internet: Google
Jongens hebben twee keer zo vaak autisme als meisjes. Ook worden ze veel vaker behandeld.

Dat blijkt maandag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
In totaal hebben zo'n 43 duizend kinderen autisme of een daaraan verwante stoornis.
Autisme komt bij bijna drie procent van de kinderen voor. Bij jongens ligt dat percentage op 3,8 procent. Van de meisjes heeft 1,7 procent autisme.

Hoe ouder kinderen worden, hoe vaker autisme voor komt.
Dat komt volgens het CBS omdat de diagnose waarschijnlijk pas later wordt gesteld.
In 2011 werden 26 duizend kinderen voor autisme behandeld. Jongens werden ruim vier maal zo vaak behandeld als meisjes.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-60.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Desintegratiestoornis

Ontwikkelingsstoornis; Desintegratiestoornis van de kinderleeftijd algemeen. Bron internet: Google
De desintegratiestoornis van de kinderleeftijd, ook wel syndroom van Heller genoemd, is een psychische aandoening die in het DSM-V is ingedeeld bij de pervasieve ontwikkelingsstoornissen.

Kinderen met deze aandoening ontwikkelen zich de eerste twee jaar (of langer) van hun leven normaal, maar voor het tiende levensjaar raken ze eerder opgedane vaardigheden op het gebied van taal, sociaal gedrag, communicatie en motoriek weer kwijt.
Verder gaan ze beperkt, repetitief of stereotiep gedrag vertonen. In enkele opzichten vertoont de aandoening overeenkomsten met het syndroom van Rett.
In sommige gevallen gaat aan de aandoening een fase vooraf waarin het kind prikkelbaar, angstig of hyperactief wordt. In gevallen waarin een progressief neurologisch probleem kan worden aangetoond, zijn de symptomen vaak ook progressief. In de meeste gevallen stabiliseert de aandoening zich echter en soms treedt ook een lichte verbetering op.
De prognose is slecht: in de meeste gevallen ontstaat blijvende mentale retardatie. Het is vooralsnog onduidelijk of er een relatie met autisme bestaat, omdat in bepaalde gevallen een specifieke hersenstoornis als oorzaak aangewezen kan worden. De diagnose wordt nu gesteld op grond van gedragskenmerken.
Het DSM-V geeft de volgende criteria voor deze ontwikkelingsstoornis:

  • Schijnbaar normale ontwikkeling gedurende minimaal twee jaar na de geboorte, wat blijkt uit voor de leeftijd normale verbale en non-verbale communicatie, sociale relaties, spel en aanpassingsgedrag.
  • Klinisch duidelijk verlies van eerder verworven vaardigheden (voor de leeftijd van tien jaar) op minimaal twee van de volgende gebieden:
    • 1. taal (spreken of luisteren)
    • 2. sociale vaardigheden of aanpassingsgedrag
    • 3. beheersing van darmen of blaas
    • 4. spelen
    • 5. motoriek
  • Afwijkingen in het functioneren op minimaal twee van de volgende gebieden:
    • 1. kwalitatieve tekortkomingen in de sociale interactie (bijvoorbeeld beperking in het non-verbaal gedrag, geen relaties met leeftijdsgenoten kunnen opbouwen, gebrek aan sociale of emotionele bereikbaarheid)
    • 2. kwalitatieve tekortkomingen in de communicatie (bijvoorbeeld late of geen ontwikkeling van gesproken taal, onvermogen een gesprek te beginnen of te voeren, stereotiep of repetitief gebruik van taal, geen gevarieerde fantasiespelletjes)
    • 3. beperkte, herhaalde en stereotiepe gedragspatronen, interesses en activiteiten, waaronder stereotiepe en repetitieve motoriek.
  • De stoornis is niet beter te verklaren door een andere specifieke pervasieve ontwikkelingsstoornis of schizofrenie
In mei 2013 wordt DSM-V ingevoerd. Vanaf dat moment verdwijnt het syndroom van Heller als losse diagnose en zal samen met klassiek autisme, het syndroom van Asperger, atypisch autisme, MCDD, PDD-NOS en het syndroom van Rett als ťťn categorie worden benoemd: autismespectrumstoornis.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_02.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Lichaamsfuncties ==> Zenuwstelsel ==> Centrale zenuwstelsel ==> Hersenen ==> Dyslexie

Dyslexie; Gamen helpt tegen dyslexie. Bron internet: Google
Het spelen van computerspellen vermindert de symptomen van dyslexie bij kinderen. Dat hebben Italiaanse wetenschappers ontdekt.

Als dyslectische kinderen 80 minuten per dag actiegames spelen op de computer, verbeteren ze hun leesvaardigheid daarmee meer dan met traditionele leesvaardigheidstraining.
Waarschijnlijk leren de kinderen door behendigheidsspellen beter om hun aandacht te focussen op specifieke stukken tekst.
Actiegerichte games versterken veel aspecten van de visuele attentie, de spellen verbeteren vooral het vermogen om geschreven informatie op te pikken uit onze omgeving.

Behendigheid
De wetenschappers kwamen tot hun bevindingen door een groep dyslectische kinderen negen dagen lang 80 minuten per dag computerspellen te laten spelen. De helft van de groep speelde actiegames, de andere helft speelde alleen een game waarin geen actie te beleven viel.
Uit het onderzoek bleek dat de kinderen die zich op behendigheidsspelletjes hadden geconcentreerd daarna een aanzienlijke verbetering vertoonden bij leesvaardigheidstesten.
Hun vooruitgang was zelfs groter dan de gemiddelde progressie die dyslectische kinderen vertonen na een jaar leesvaardigheidstraining.

Geen wondermiddel
Eerder onderzoek wees al eens uit dat dyslexie met name wordt veroorzaakt door een haperend visueel aandachtssysteem. Volgens Facoetti is dit hersenmechanisme te trainen met computergames.
Hij waarschuwt wel dat gamen geen wondermiddel is. "De resultaten van dit onderzoek zijn erg belangrijk bij het in kaart brengen van breinmechanismen die ten oorsprong liggen aan dyslexie. Maar het is niet zo dat we ouders aanraden om hun kinderen onbeperkt en zonder toezicht computerspellen te laten spelen.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-31.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Selectief mutisme

Ontwikkelingsstoornis; Selectief mutisme algemeen. Bron internet: Google
Selectief mutisme is een zeldzame psychische aandoening die bij kinderen optreedt. In het DSM-V is de aandoening ingedeeld bij de ontwikkelingsstoornissen. Kinderen met deze aandoening zijn wel in staat te spreken en begrijpen de taal goed, maar spreken niet in bepaalde sociale situaties, terwijl dat wel wordt verwacht. Op andere gebieden functioneren de kinderen in principe normaal.

Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat een kind in de peuterspeelzaal of op school lange perioden niet spreekt, terwijl het zich thuis verbaal wel normaal gedraagt.
zwijgzaamheid kan ook optreden als er vreemden in de buurt zijn.

Kenmerken
Selectief mutisme wordt gezien als een zelfstandig verschijnsel en niet als een vorm van communicatiestoornis. De meeste kinderen met selectief mutisme communiceren non-verbaal namelijk wel (gelaatsuitdrukkingen, gebaren enzovoort). Bij diagnose moet worden uitgesloten dat de aandoening een symptoom is van een andere aandoening, zoals een pervasieve ontwikkelingsstoornis of schizofrenie.
Een kind met selectief mutisme vertoont meestal de volgende kenmerken.

  • Het kind spreekt in bepaalde vertrouwde situaties wel, terwijl het spreken in de meeste vreemde situaties (bijna) volledig ontbreekt.
  • Een terughoudend temperament.
  • Het kind is heel erg afhankelijk van de ouders (dit moet niet per se als oorzaak worden gezien, het kan net zo goed gevolg zijn door het onvermogen tot spreken in bepaalde situaties).
  • Het niet spreken duurt minimaal een maand.
  • Het wordt niet veroorzaakt door een gebrek aan kennis van de taal en er is geen sprake van een spraakstoornis zoals stotteren.
Oorzaken
Er zijn een aantal mogelijke oorzaken van selectief mutisme:
  • Een angst voor sociale situaties;
  • Een trauma, waardoor het kind stopt met praten;
  • Een familiegeschiedenis van verlegenheid of angst;
  • Spraak- of taalmoeilijkheden;
  • Aanpassingen aan een nieuwe cultuur;
  • Beperkte socialisatie met anderen, buiten de school.
Kinderen met selectief mutisme worden vaak omschreven als gevoelig, aarzelend, timide en bang. Tevens worden extreme verlegenheid en sociale fobie opgemerkt bij kinderen met selectief mutisme. Onderzoek heeft aangetoond dat sommige kinderen zijn geboren met een geremd temperament. Dit betekend dat zij, zelfs als baby, eerder angstig zijn en weerstand hebben tegen nieuwe situaties. Dit geeft reden aan te nemen dat veel of zelfs alle kinderen met selectief mutisme zijn geboren met dit geremde karakter.

De overgrote meerderheid van de kinderen met selectief mutisme hebben een genetische aanleg voor angst. Een of allebei de ouders beschrijven een familiegeschiedenis of persoonlijke karaktereigenschappen gelijk aan die van hun kind, zoals verlegenheid, angst, sociale fobie en selectief mutisme.
Alhoewel onderzoek suggereert dat angststoornissen voorkomen in families met kinderen met selectief mutisme, is het niet zeker of kinderen de neiging angstig te zijn genetisch meekrijgen, of overnemen door het gedrag van de ouders, of een combinatie van deze twee.
Dit is echter geen reden om de 'schuld' van het selectief mutisme bij de ouders te zoeken. Er is bij het ontstaan van selectief mutisme een combinatie van oorzaken mogelijk en niet ťťn enkele. Daarnaast is er geen bewijs dat er een opvoedingsstijl of omgangsvorm van de ouders is die selectief mutisme in de hand werkt.

Sociale angst
De sociale angst is de meest voorkomende oorzaak, selectief mutisme als gevolg van een trauma komt heel weinig voor. Kinderen die aan sociale angst lijden zijn daardoor erg afhankelijk van de moeder en zijn vaak bang om van haar gescheiden te worden.

Wat zijn de gevolgen?
De gevolgen van niet praten zijn groot, bijvoorbeeld op sociaal gebied. Kinderen in de klas vragen: ĎWaarom praat jij niet?í en ĎKun jij niet praten?í Hierdoor lopen ze de kans om geÔsoleerd te raken. Verder hebben ze kans op leerproblemen: een kind dat nooit hardop meeleest in de klas of geen spreekbeurten durft te houden. Doordat ze zwijgen, kunnen ze ook slechter voor zichzelf opkomen. Denk aan een kind dat buikpijn heeft, maar niet aan de juf durft te vragen of ze zijn moeder belt.

De noodzaak
Het is duidelijk dat selectief mutisme kinderen beperkt in hun ontwikkeling. Daarom is het noodzakelijk er iets aan te doen. Ouders hebben vaak een lange zoektocht achter de rug naar goede hulp. Leerkrachten en hulpverleners zitten soms met de handen in hun haar en vragen zich af: Hoe kan ik dit kind het beste helpen? Daarom maakte Maretha de website Spreekt voor zich voor ouders, leerkrachten en hulpverleners. Mensen zoeken eerst op internet, dus een website was logisch. Ouders en leerkrachten vinden er informatie en vinden antwoorden op vragen als: Hoe help ik mijn kind? Wanneer kan ik het beste hulp gaan zoeken? Wat kan ik zelf proberen voordat hulp nodig is? Hulpverleners vinden er informatie over selectief mutisme, zoals de criteria en kenmerken. En voor hen is er een behandelprogramma. Op die manier weten ze hoe ze een kind met selectief mutisme moeten behandelen. Zo bundel je de krachten van ouders, school en hulpverlener om het kind heen.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-6030-engel-55.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Psychiatrie ==> Gedragsstoornissen ==> Rett

Ontwikkelingsstoornis; Syndroom van Rett algemeen. Bron internet: Google
Het syndroom van Rett, ook wel rettsyndroom of kortweg rett, is een aangeboren aandoening die vrijwel alleen bij meisjes voorkomt en leidt tot ernstige geestelijke en lichamelijke invaliditeit. De stoornis is vrij zeldzaam, met circa tien nieuwe gevallen per jaar in Nederland, een incidentie van 1 meisje per 12 000 tot 1 per 18 000.

In termen van klassieke genetica gaat het om een X-gebonden dominante stoornis die bij jongetjes letaal is, dat wil zeggen: al voor de geboorte dodelijk.
In DSM-V werd het syndroom gezien als een pervasieve ontwikkelingsstoornis. Sinds in mei 2013 DSM-V ingevoerd is, bestaat het syndroom van Rett niet meer als losse diagnose maar wordt het tot de categorie van de autismespectrumstoornissen gerekend.

Kenmerken
Het syndroom bestaat uit een aantal neurologische stoornissen en wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het niet-optreden van een bepaalde normale ontwikkelingsfase, wat waarschijnlijk weer wordt veroorzaakt door een niet goed functionerend gen. De diagnose wordt in eerste instantie gesteld op basis van dit kenmerkende ontwikkelingsverloop, maar wordt bevestigd door genetisch onderzoek. Niet bij iedere patiŽnt wordt een stoornis in het desbetreffende gen gevonden, maar wel bij 80%.

Fase I
Na een normale prenatale ontwikkeling, een geboorte op of rond het verwachte tijdstip en een normale ontwikkeling tot de 6e ŗ 18e levensmaand, stagneert de ontwikkeling. De ontwikkeling van de hersenen vertraagt, de ontwikkeling van sociale vaardigheden en spelontwikkeling komen tot stilstand. Dit beschouwt men als de knik in de ontwikkeling en is vaak het eerste en enige symptoom dat duidt op deze afwijking.

Fase II
De ontwikkeling van het kind komt tijdelijk tot stilstand, gevolgd door achteruitgang. Verworven vaardigheden zoals spraak en lopen gaan achteruit en het doelbewust gebruik van de handen gaat langzamerhand verloren. Er is vrijwel altijd sprake van mentale retardatie, een ernstige vermindering van de intelligentie. Het kind keert ook in zichzelf en vertoont autistisch gedrag, waar het voorheen nog sociaal was en contact legde met de omgeving.
Er ontstaan stereotiepe handbewegingen: typisch voor kinderen met het syndroom van Rett is het handen wringen, vaak op borsthoogte in de middellijn. Wat later in deze fase treedt vaak epilepsie op, die na een aantal jaren vaak weer vermindert. Dikwijls is ook het ademhalingspatroon ongewoon. Ernstige obstipatie komt veel voor.
Het kind wordt in deze fase vaak moeilijk handelbaar. Het heeft ontroostbare huil- en/of gilbuien, en/of (vaak onverklaarbare) lachbuien en raakt snel geÔrriteerd. Misschien komt dit doordat het kind zich moeilijk kan uiten vanwege de dysfasie en dyspraxie, maar het kan ook te maken hebben met de kenmerken die aan autisme doen denken: kinderen met autisme hebben deze 'buien' vaak ook. De oorzaken in dat geval kunnen zijn: dwangmatigheid, overprikkeling of overgevoeligheid voor geluiden. Ook kan een huilbui een gevolg zijn van een epileptische aanval.

Fase III
Ongeveer tussen het tweede en tiende levensjaar verbetert het gedrag van het kind en is het minder in zichzelf gekeerd. Er is weer vooruitgang en het meisje voelt zich kennelijk wat beter. Veel van de kinderen met het syndroom van Rett blijven hun leven lang in deze fase.

Fase IV
Na het tiende levensjaar treedt de vierde fase op, maar soms bereikt een persoon deze fase veel later of zelfs helemaal niet. Ze kenmerkt zich door een nieuwe achteruitgang, meestal uitsluitend op motorisch vlak. Veel meisjes met rett ontwikkelen een scoliose, sommige meisjes die konden lopen, kunnen dit nu niet meer. Op andere vlakken blijft de toestand stabiel of kan er een verbetering optreden. De epilepsie neemt vaak af of is beter instelbaar op medicatie. Het (oog)contact met mensen om de persoon heen kan verbeteren.

Oorzaken
Bij tachtig procent van de mensen met klinische symptomen van het rettsyndroom is er een defect aantoonbaar in het MeCP2-gen, dat op het X-chromosoom ligt. Men vermoedt dat er in de overige gevallen een stoornis is in de stofwisselingsketen waarin MECP2 zijn functie uitoefent. Deze functie bestaat uit het aan- en uitschakelen van een aantal andere genen; het Rettsyndroom is het eerste syndroom bij mensen waarvan aangetoond is dat het mechanisme verloopt via de regulatie van de genexpressie door gemethyleerd DNA. De diagnose rettsyndroom wordt dus op dit moment nog gesteld op klinische gronden (dat wil zeggen de verschijnselen die bij de patiŽnte waarneembaar zijn), en is niet equivalent met het vinden van een afwijking in het desbetreffende gen, hoewel er een aanzienlijke overlap tussen die twee bestaat. Er is inmiddels door toepassing van genetische technieken een muis gecreŽerd die een soortgelijk gendefect heeft en inderdaad soortgelijke symptomen vertoont. Recent is een ander gen ontdekt waarvan defecten tot rett-achtige symptomen kunnen leiden, genaamd CDKL5. Gevallen met een dergelijke mutatie hebben een iets andere presentatie, met al in een eerder stadium epileptische aanvallen. Het rettsyndroom is onderwerp van intensief onderzoek met tientallen medisch-wetenschappelijke publicaties per jaar.

Behandeling en vooruitzichten
PatiŽnten hebben bij goede verzorging een nagenoeg normale levensverwachting, maar zijn ernstig verstandelijk en lichamelijk gehandicapt. De kans op herhaling in het gezin bij een volgende geboorte is in bijna alle gevallen klein, aangezien het meestal om een toevallige, nieuwe mutatie gaat. Omdat de oorzaak nog niet aangepakt kan worden, spitst de behandeling van het rettsyndroom zich nog toe op de behandeling van symptomen. De aandacht moet vooral uitgaan naar het voorkomen of tijdig onderscheppen van veel voorkomende medische problemen, zoals epilepsie, scoliose en slikproblemen (van neurologische aard).
Een kind met het syndroom van Rett heeft intensieve begeleiding nodig van een logopedist, kinesitherapeut en/of ergotherapeut. Het kind communiceert moeilijk en voor elk kind afzonderlijk moet een vorm gezocht worden om zich te uiten. Vanwege de afasie en apraxie is dit zowel voor de patiŽnte als voor de mensen om haar heen een zware en moeilijke opdracht die ontmoedigend kan zijn als men de doelen te hoog stelt.

Erfelijkheid
Dat jongetjes met het syndroom zelden worden gevonden, betekent waarschijnlijk dat de mutatie bij hen dodelijk is in een vroeg stadium in de zwangerschap - jongens hebben immers maar ťťn X-chromosoom en kunnen een fout daarin dus niet compenseren, zoals een meisje dat met haar andere X-chromosoom wel kan. Het rettsyndroom kan echter wel voorkomen bij jongetjes met het syndroom van Klinefelter. Een jongen met dit syndroom heeft een extra X-chromosoom en kan daardoor overleven.
Doordat er bij meisjes in een vroeg stadium van de embryonale ontwikkeling een van de twee X-chromosomen in iedere cel wordt gedeactiveerd, kan het syndroom van Rett zich waarschijnlijk op veel manieren uiten, waarbij de symptomen ernstiger zijn naarmate er minder normaal functionerende X-chromosomen zijn overgebleven. Omdat patiŽnten met syndroom van Rett zich normaliter niet voortplanten, is vrijwel ieder geval van de aandoening een sporadisch, niet overervend geval. De licht verhoogde kans op herhaling (minder dan ťťn procent) in hetzelfde gezin berust waarschijnlijk op zeer lichte, niet herkende gevallen bij de moeder.

Ontdekking
De ziekte is al in de zestiger jaren van de vorige eeuw door de Oostenrijkse kinderarts Andreas Rett beschreven maar kreeg pas in 1983 na een publicatie van Hagberg et al. in de Annals of Neurology in de Angelsaksische literatuur meer bekendheid. In 1999 werd het oorzakelijke gen ontdekt en gepubliceerd in Nature genetics door dr. Huda Zoghbi en haar onderzoeksteam van het Baylor College of Medicine, Houston, Texas.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl-5500-l-lx-beaufort-andre-06.jpg

Begrippenlijst. Bron internet: Google
Begrippenlijst m.b.t. Gedrag, leren en ontwikkeling.

Aangeboren afwijking
Een aangeboren afwijking of congenitale aandoening, is een afwijking of aandoening waarmee men geboren wordt. Het woord congenitaal komt van het Latijnse woord congenitus = aangeboren.
De symptomen, klachten of klinische tekens zijn aanwezig bij de geboorte. Een aangeboren afwijking kan wel of niet erfelijk zijn, maar niet iedere erfelijke aandoening leidt tot een aangeboren afwijking. Zo zijn er erfelijke aandoeningen die niet noodzakelijk al tot uiting komen bij de geboorte.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Comorbiditeit Comorbiditeit is het tegelijkertijd hebben van twee of meer stoornissen of aandoeningen bij een patiŽnt. Dit gebeurt in het algemeen met het gelijktijdig hebben van lichamelijke, geestelijke en vaak de daaropvolgende sociale problemen bij een persoon.
Voorbeeld:
Autisme gaat vaak gepaard met ad(h)d, depressie of angststoornissen.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Dyspraxie Dyspraxie is een motorische ontwikkelingsstoornis die leidt tot problemen bij het plannen en coŲrdineren van motorische handelingen. Het is een stoornis bij het correct verwerken van informatie door de hersenen. Vaak gaat dyspraxie samen met problemen met de spraak, taal, waarnemen, denken en gevoelige tastzin. Verondersteld wordt dat dyspraxie veroorzaakt wordt door onvolgroeidheid of vertraging in de ontwikkeling van neuronen en bij ongeveer 2% van de bevolking zichtbaar is.
Dyspraxie staat ook bekend als: Developmental Dyspraxia, Developmental Co-ordination Disorder, DCD, Sensory Motor Disorder, Sensory Integration Dysfunction, Perceptuo Motor Difficulty, Clumsy Child Syndrome, Damp. In het DSM-IV is de aandoening ingedeeld bij de ontwikkelingsstoornissen.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Gedachte Een gedachte is iets, waar men zich even van bewust is. Een gedachte is een onderdeel of het gevolg van het denkproces.
Een gedachte kan zomaar bij iemand opkomen, vanuit het onderbewuste of voortkomen uit andere bewuste gedachten - de ene gedachte kan tot de andere leiden. Een gedachte kan worden opgeroepen door waarnemingen - een beeld, geur of geluid.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Neurofeedback Bij een neurofeedbackbehandeling kijkt de patiŽnt naar een beeldscherm waarop live te zien is hoe zijn hersengolven eruitzien. Het idee is, kort samengevat, dat golven die afwijken van een 'normaalpatroon', meer in die richting getraind kunnen worden door daar op te oefenen. Van Dongen-Boomsmaís placebobehandeling kwam erop neer dat proefpersonen zonder dat ze het wisten een simulatie -in plaats van hun eigen hersengolfpatroon probeerden te trainen.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Neurotransmitter Een neurotransmitter is een signaalstof die in synapsen zenuwimpulsen overdraagt tussen zenuwcellen ('neuronen') in het zenuwstelsel of impulsen overdraagt van motorische zenuwcellen op spiercellen of van zenuwreceptoren op sensorische zenuwcellen.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Ontwikkelingsstoornis Een ontwikkelingsstoornis is een neurologische of psychische aandoening die optreedt bij kinderen of adolescenten en die een belemmering en/of afwijking vormt in de normale ontwikkeling. Ook bij volwassenen is zo'n stoornis soms nog te traceren, maar met de leeftijd neemt de kans op succesvolle behandeling gewoonlijk af.
De symptomen zijn uiteenlopend en er kunnen ook verschillende oorzaken zijn. Sommige aandoeningen zijn blijvend, andere zijn tijdelijk. Soms ontstaan de symptomen als reactie op een schokkende ervaring, in andere gevallen ligt de oorzaak in erfelijke factoren of een lichamelijke ziekte. Ook omgevingsfactoren moeten in de gaten gehouden worden, evenals opvoedingsfactoren.
Bij onderzoek is het van belang dat gelet wordt op alle factoren die bij de ontwikkeling van het kind van belang zijn, omdat deze doorlopend van invloed op elkaar zijn. Zo kunnen kinderen met een lichamelijk probleem aangetast worden in hun gevoel van eigenwaarde en zich hierdoor minder sociaal opstellen. Dit wekt een reactie op van de omgeving, die vervolgens weer van invloed is op de psyche van het kind. Dit is slechts een voorbeeld van hoe een wisselwerking van verschillende factoren zijn uitwerking kan hebben.
Het DSM-IV onderscheidt de volgende groepen ontwikkelingsstoornissen:

  • Zwakzinnigheid;
  • Leerstoornissen (waaronder dyslexie en dyscalculie);
  • Motorische stoornissen (dyspraxie);
  • Communicatiestoornissen (waaronder stotteren);
  • Pervasieve ontwikkelingsstoornissen;
  • Aandachtstekort- en gedragsstoornissen (ADHD, ODD, CD);
  • Eetstoornissen in de kinderleeftijd (waaronder pica en ruminatiestoornis);
  • Ticstoornissen (waaronder het syndroom van Gilles de la Tourette);
  • Stoornissen met de ontlasting (enurese en encoprese);
  • Andere stoornissen in de kinderleeftijd of adolescentie (separatieangst, hechtingsstoornis, selectief mutisme, stereotiepe-bewegingsstoornis)
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
Operante conditionering Operante conditionering of instrumenteel leren is het leerproces waarbij een respons in een bepaalde context gevolgd wordt door een bekrachtiger (Engels: reinforcer) of bestraffer (Engels: punisher). Een bekrachtiger is elke gebeurtenis die de kans vergroot dat dezelfde respons in de toekomst weer zal optreden. Een bestraffer is daarentegen elke gebeurtenis die de kans verkleint dat de respons weer zal optreden. In dierexperimenten is de bekrachtiger vaak voedsel of drank, en de bestraffer een elektrisch schokje. Soms spreekt men ook wel van positieve en negatieve bekrachtigers.
(bron: nl.wikipedia.org/wiki/)  
 pl-0000-omhoog.gif 
 
   
 pl-0000-omhoog.gif 
 
 
pl-2000-onderhan-01.jpg Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen


pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Psychologie ==> Emotie ==> Angst

Angsttherapie; Angst als slechte raadgever. Therapie bij Therapeutisch Centrum Zonnekeer.
Angst is een gezonde emotie die we allemaal kennen. Het zorgt ervoor dat we actie ondernemen als we bijvoorbeeld gewond zijn en enge steegjes vermijden. Soms slaat de angst echter door.
Een schokkende gebeurtenis kan een grote impact op u hebben. Sommige mensen houden er allerlei lichamelijke of geestelijke klachten aan over. Nachtmerries, angstaanvallen, huilbuien. Wat kunt u er tegen doen?
Kritische blik op medicatie bij therapie. Hoe herken je een stoornis? Tweederde van de cliënten is gebaat bij medicijnen.


Angststoornissen behoren tot de meest voorkomende psychische stoornissen.
Een angststoornis ontstaat vaak op jongere leeftijd. De stoornis heeft vaak een chronisch verloop. Bij meer dan de helft van de mensen duurt de stoornis langer dan een jaar, bij een derde van de gevallen zelfs langer dan 5 jaar. Van de mensen met een stoornis die hulp zoeken is de helft na ongeveer drie jaar hersteld. Zonder hulp is de helft na meer dan vijf jaar hersteld.
Vrouwen hebben over het algemeen twee keer zoveel kans op een angststoornis dan mannen. De oorzaak van de stoornissen is in veel gevallen een combinatie van aanleg, gevoeligheid, nare ervaringen en een verstoorde balans in hersenstofjes (waaronder serotonine en noradrenaline).
Een op de vijf Nederlanders maakt ooit in zijn leven een stoornis door. Het gaat om mensen met klachten die zo ernstig zijn dat het hun sociale en beroepsmatige leven negatief beÔnvloedt. Sommige mensen houden er zelfs hun hele leven last van. Er bestaan verschillende soorten stoornissen, met klachten van paniekaanvallen tot fobieën. In tweederde van de gevallen kunnen medicijnen uitkomst bieden. Afhankelijk van de stoornis worden antidepressiva of kalmeringsmiddelen (benzodiazepinen) voorgeschreven, maar helaas is nog onbekend of cliënten deze medicijnen voor langere tijd moeten blijven gebruiken. Vaak wordt na een bepaalde tijd het middel afgebouwd. Sommige mensen kunnen daarna zonder, maar als de klachten terugkeren moeten cliënten medicijnen blijven gebruiken.
Toch wordt bij lichtere of recente aandoeningen geadviseerd om een niet-medicamenteuze, psychotherapeutische behandeling te kiezen, waarbij de cliënt leert zijn 'angst' te doorbreken. Als dat onvoldoende resultaat oplevert kan er eventueel nog op medicatie worden overgegaan.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
Soorten
Er zijn veel soorten angststoornissen bekend. Dit zijn de meest voorkomende verschijningsvormen:

  • 1. Enkelvoudige fobie (angst voor spinnen, hoogtes, bloed, ongelukken, etc.)
  • 2. Sociale fobie (specifiek: bijvoorbeeld spreken in het openbaar, of gegeneraliseerd: sociale angst)
  • 3. Paniekstoornis, met of zonder agorafobie (pleinvrees)
  • 4. Obsessieve-compulsieve stoornis (dwangstoornis)
  • 5. Gegeneraliseerde angststoornis (overmatig piekeren)
  • 6. PTSS: post-traumatische stress-stoornis
De meeste van deze fobieŽn en stoornissen worden gekenmerkt door onder andere de volgende symptomen:
  • concentratiestoornissen
  • piekeren
  • agitatie
  • rusteloosheid
  • bezorgdheid
  • ongeduld
  • slaapproblemen
pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
Focus
FobieŽn verschillen op twee punten van de overige stoornissen: focus en duur. Bij fobieŽn is er een extreme vrees voor een object. Het gevolg is dat patiŽnten dit object zo goed mogelijk vermijden.
Mensen met een gegeneraliseerde angststoornis en paniekstoornis hebben een willekeurige angst. De eerste groep piekert continu, over letterelijk van alles. Een paniekstoornis kan op elk willekeurig moment optreden, meestal zonder directe aanleiding.

Duur
De angst van fobische patiŽnten is kortdurend ("Een spin! Wegwezen!"). PatiŽnten met overige angststoornissen daarentegen lijden langdurig onder hun angst. Mensen met gegeneraliseerde sociale angst en PTSS bevinden zich continu in een staat van verhoogde alertheid.
Ze voelen zich angstig, hulpeloos, soms depressief en worden overal herinnerd aan hun vrees. Ook schrikken ze gemakkelijk. Overheersende angst kan het dagelijks leven behoorlijk moeilijk maken.

Misinterpretaties
Veel angstpatiŽnten zijn geneigd om gevaar in hun omgeving te zien. Daarnaast zijn ze alerter op lichaamssensaties. Vaak zijn het misinterpretaties van een verhoogde hartslag, zweten en blozen, die de angst mede laten ontstaan.
Normaal gesproken halen we onze schouders op als we merken dat we opgewonden zijn. AngstpatiŽnten worden er onrustig van: mijn lichaam reageert zo vreemd, er moet wel wat aan de hand zijn!
Neemt deze lichamelijke onrust toe, dan kan in het ergste geval een paniekaanval ontstaan. Dit is een enge ervaring en wordt door mensen omschreven als het gevoel dood te gaan.
Velen doen er na ťťn aanval alles aan om de situatie waarin (of het object waarbij) de aanval optrad, te vermijden. Of te bezweren, door middel van dwangrituelen. Deze gedragingen versterken de angst echter.

Zelf doen
U kunt zelf veel doen om uw klachten te verminderen. De eerste stap is toegeven en accepteren dat er iets aan de hand is. Neem uw gevoelens en klachten serieus. Begin bijvoorbeeld met het bijhouden van een dagboekje. Schrijven kan een manier zijn om onder woorden te brengen wat u bezig houdt. Waar bent u bang voor? En wat doet u dan?

Praten
Het is belangrijk om uw problemen met iemand te delen. Praten lucht op! Hardop denken maakt u bewust van de klachten en daarbij kan de luisteraar u steunen. Doe dit vooral bij mensen die u vertrouwt. Soms zijn problemen gemakkelijker te bespreken met iemand die u minder goed kent. Er bestaan ook telefonische hulpdiensten.

Informatie
Bij sommige mensen zorgt informatie ervoor dat zij inzicht krijgen in hun problemen of klachten. Het kan bijvoorbeeld helpen om te weten dat de angst of paniek na 60 tot 90 minuten vanzelf minder wordt. Over psychiatrische ziekten bestaan veel folders, brochures, boeken, dvd's en internetsites. Veel instellingen voor geestelijke gezondheidszorg organiseren informatiebijeenkomsten, cursussen en trainingen.

Als de klachten echter niet overgaan, of als u merkt dat u niet goed kunt functioneren dan is het verstandig om hulp te zoeken.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
In therapie bij Andre en Ardy van Kesteren
De methode die Therapeutisch Centrum Zonnekeer gebruikt is een uitgebalanceerde therapie, die u in gemiddeld 8 tot 10 behandelingen van de klachten afhelpt. Deze behandelingen zijn verspreid over gemiddeld 4 tot 5 maanden. De kans van slagen van onze therapie is groot door de brede aanpak van de klachten.

Herkent u deze klachten of gevoelens:
  • angstig
  • zenuwachtig
  • duizeligheid
  • gevoel van flauwvallen
  • hartkloppingen
  • druk op de borst
  • kortademig
  • veel zuchten
  • benauwd of opgeblazen gevoel
  • onwerkelijk gevoel
  • nerveus
  • trillende handen
  • tintelingen
  • misselijkheid
  • hoofdpijn
  • droge mond
  • wazig zien
  • transpireren
  • paniekgevoel
  • dingen uit de weg gaan
  • de neiging om veel slaaptabletten te nemen
  • onverklaarbare angst voor situaties
  • Ook lichamelijke klachten waar artsen geen oorzaak voor vinden, kunnen wijzen op een stoornis
Dan is de kans groot dat u tot onze doelgroep behoort.
Wees eerlijk en bespreek het open met ons en uw huisarts.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
Hoe ontstaan dit soort klachten
Er zijn verschillende theorieën over de oorzaak van de klachten. Onze ervaring leert ons, dat het vaker binnen een familie voorkomt en dus erfelijk bepaald kan zijn. Ook kunnen deze klachten optreden na een traumatische ervaring, of na een lange periode van stress. Wetenschappelijk heeft men nog geen allesomvattende verklaring kunnen vinden.
Onze oplossingsgerichte therapie houdt zich niet bezig met het praten in het verleden. Voor ons is de toekomst belangrijk, dus richten wij ons in de behandeling op het heden voor een zo snel mogelijk herstel van de klachten.
De oplossingsgerichte therapie gaat ervan uit dat het oplossen van problemen minstens zo goed kan plaatsvinden door het uitzoeken van de gewenste situatie; dat wil zeggen Ďwat wil de cliënt voor het probleem in de plaatsí of Ďhoe zou het leven van de cliënt er anders uitzien als het probleem er niet meer zou zijní.

De klachten in het algemeen
Mensen die voor het eerst met dit soort klachten geconfronteerd worden, weten in eerste instantie niet wat hen overkomt. Buiten de serieuze lichamelijke klachten, begint vaak het gevecht tegen vooroordelen en onbegrip omtrent deze aandoeningen. Onze ex-cliënten spreken menig maal bij de eerste behandeling over het feit dat zij liever twee benen breken, zodat zij voor de omgeving zichtbaar iets mankeren. Vanwege de heftige lichamelijke klachten, komen cliënten vaak in een lange medische molen terecht, wat in de meeste gevallen niets oplevert.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
Behandeling
Het sterke punt van angststoornissen is dat ze meestal irreŽel zijn. Dit maakt de stoornissen goed behandelbaar. Behandeling komt over het algemeen neer op de aanpak van misinterpretaties en onlogische gedachten.
PatiŽnten krijgen informatie: wat is angst nu werkelijk? Waarom hoeven ze niet bang te zijn? Welke (ineffectieve) acties versterken hun angst?
Daarnaast zijn er gedragstherapieŽn die de patiŽnt confronteren met hun vrees. Om deze confrontaties beter aan te kunnen, krijgen patiŽnten relaxatietechnieken aangeleerd.

Misschien heeft u, net als veel van onze cliënten, al een lange weg binnen de hulpverlening achter de rug zonder het gewenste resultaat. Vaak denkt men met de klachten te moeten leren leven. Onze behandeling gaat uit van een uitgebalanceerde therapie die uit vier pijlers bestaat:

* Ademtherapie
* Psychosociale begeleiding
* Medicijnbegeleiding
* Gedragsbegeleiding

Ademtherapie
Veel van de klachten ontstaan door een verkeerde of ontregelde ademhaling. Deze is vaak oppervlakkig, via de borst en in een veel te hoge frequentie per minuut. Bij een juiste ademhaling, die de therapeut u stapje voor stapje aanleert, gaat uw hart langzamer kloppen, de bloeddruk wordt lager, angstgevoelens verdwijnen en de geest kalmeert.

Psychosociale begeleiding
Cliënten die bij ons komen, hebben vaak al een lange, frustrerende weg binnen de hulpverlening achter de rug. Bij onze therapeut vinden zij een stuk herkenning en erkenning van hun klachten. Dit draagt een groot stuk bij aan de succesvolle behandeling.

Medicijnbegeleiding
Bij een aantal van onze cliënten is er sprake van een verstoorde serotonine-opname in de hersenen. Deze stof werkt als geleider en brengt de communicatie tot stand tussen de hersencellen. Is deze balans om wat voor reden dan ook verstoord, kunnen er klachten ontstaan die door middel van medicatie opgelost kunnen worden. Deze medicatie, in de vorm van antidepressiva, luistert heel nauw. Met name de opbouw en dosering bepaalt een groot deel van het succes van de medicatie. De therapeut speelt hier een adviserende rol in, in samenwerking met u en de huisarts of psychiater.

Gedragsbegeleiding
Onze cliënten vertonen vaak vermijdingsgedrag, dat zich in de loop der jaren heeft opgebouwd. Simpele handelingen, zoals een boodschap doen, familie bezoeken of zich tussen een grote menigte mensen begeven, kunnen een onoverkoombaar probleem gaan vormen. In eigen tempo wordt de cliënt aan de hand van een stappenplan langzaam maar zeker uit hun isolement begeleid.

pl_7000_wandelen_andre_p_praten_park_hrfst_03.jpg
De rol van familie en vrienden in de behandeling
Overmatig angst lijkt voor buitenstaanders soms onterecht en vreemd. Sterker nog: zelfs patiŽnten die weten diep van binnen dat de angst irreŽel is. Niettemin zijn de angstgevoelens levensecht. Net zoals het sociale isolement waar veel patiŽnten in dreigen te belanden.
Dwangrituelen kunnen letterlijk uren duren. Hierdoor is de patiŽnt soms niet meer in staat om te werken of (sociale) contacten te onderhouden. Sociale angst en pleinvrees kunnen van een patiŽnt een gevangene in eigen huis maken.
Het is voor de omgeving daarom belangrijk om de angst niet als onzin af te doen. Probeer de patiŽnt te stimuleren om zoveel mogelijk 'enge dingen' te blijven ondernemen. Zorg er daarnaast voor dat hij/zij hulp zoekt.

Hoewel de behandeling vooral op de patiŽnt is gericht, kunnen de familieleden een actieve rol spelen door deel te nemen aan het behandelingsprogramma. De juiste steun die ze kunnen bieden, zal al naar gelang de stoornis en de relatie tussen de patiŽnt en het familielid variŽren. Ter aanvulling op de psychologische therapie en de behandeling met geneesmiddelen bevelen artsen steeds meer behandelingsprogramma's aan waarin familieleden worden ingesloten. Over het algemeen geldt de volgende regel: hoe ernstiger de stoornis, hoe gunstiger het is dat huwelijks- en/of familiezaken in het therapieprogramma worden opgenomen.
Met een aangepaste training kunnen ze de patiŽnt begeleiden in angst-opwekkende situaties. Ze kunnen steun en aanmoediging bieden en een omgeving creŽren die het genezingsproces bevordert.

Familieleden kunnen helpen door:
  • kleine overwinningen van de patiŽnt te herkennen en te loven;
  • de verwachtingen van de patiŽnt tijdens zware perioden te wijzigen;
  • de vorderingen te meten aan de hand van de verbeteringen die de persoon maakt, en niet volgens bepaalde starre externe normen;
  • soepel te zijn en een normale routine trachten te behouden.
  • Kortom helpt de patiŽnt bij het overwinnen van de depressie, voordat het de patiŽnt verslaat.
Bij gezinstherapie steunen therapeuten gewoonlijk op de betrokkenheid van een partner of van een ander familielid als co-therapeut. Familieleden insluiten als een deel van het behandelingsteam biedt het voordeel dat het de mogelijkheid tot spanningen rond het therapieprogramma kan verminderen. Ook het voorzien van educatief materiaal aan de familieleden bevordert het begrip.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Therapieën, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven: Overzicht verhalen


pl-6030-engel-15.jpg

pl-0000-kleurbal.gif Categorie Navigatie: ==> Gezondheid ==> Zorg ==> Behandeling ==> Therapievormen ==> Schrijven

Brief; Schrijfoefening; Het verwerken van traumatische ervaringen; Schrijfoefening depressie
Het schrijven over traumatische gebeurtenissen kan helpen bij het verwerken van zo'n gebeurtenis.

Hier volgt de instructie voor schrijven van een brief met verwerking als doel.

De brief en ook de voorstadia van de uiteindelijke brief, kunnen op de zitting meegenomen worden om daar te bespreken.

  • Fase I;
    Het probleem.
    • Richt in huis een plekje in dat de komende tijd uitsluitend gebruikt gaat worden voor het werken aan de brief. Soms is het gunstig een foto van de persoon waarover het gaat neer te zetten. Voor het schrijven is het belangrijk te zorgen voor rust; telefoon uit, geen kinderen of bezoek in huis of te verwachten etc. Het is belangrijk te zorgen voor voldoende tijd, zeg 45 minuten.
    • U gaat aan het tafeltje zitten en kijkt naar de foto. U laat de foto op u inwerken. Dan komen herinneringen boven; gevoelens over vroeger; gevoelens over het schrijven zelf. U probeert de emoties de vrije loop te laten
    • Schrijf direct in de tweede persoon (dus 'jij' of 'u') aan de persoon op de foto. Beschrijf de gebeurtenis en schrijf op wat je voelt. Stelt u zich daarbij niet op als een afstandelijke toeschouwer u bent zelf de hoofdpersoon. Laat u niet uit het veld slaan als het schrijven stokt. Blijf gewoon rustig zitten tot de tijd die u had vrijgemaakt voorbij is. Als het goed verloopt voel u zich na zo'n schrijfsessie opgelucht. Het is alsof er iets van u afgevallen is.
    • Tijdens het schrijven houd u er rekening mee dat het doel is verwerken. U houdt dat wat u geschreven hebt in principe voor u zelf.
    • U houdt liefst dagelijks zo'n sessie tot u merkt dat dezelfde gebeurtenissen die aanvankelijk grote emoties op riepen, u nu niet meer zo beroeren.
    • Nu kunt u zichzelf de vraag stellen of u nog iets wil doen ten opzichte van de betrokken persoon. Eventueel schrijft u een afzonderlijke brief gericht aan die persoon in een vorm die daarvoor geschikt is.
    pl-5500-l-nl-hoorn-bontekoe-01.jpg
  • Fase II;
    Stem jezelf positiever. Wie meer vat kan krijgen op zijn emoties, komt makkelijke uit een sombere bui.
    • Gedraag je als een geluksvogel.
      Neem iedere dag een andere weg naar je bezigheden, ga eens puur af op je intuÔtie, knoop een gesprek aan met onbekenden. Houd een 'positief dagboek' bij waarin je 's avonds alleen mag opschrijven wat je die dag positief is opgevallen.
    • Bekijk jezelf van een afstand.
      Denk over jezelf na vanuit de derde persoon. Dus niet - 'Waarom reageerde ik zo heftig op ...?' maar - 'Waarom reageerde Cora (Anna, Kees) nou zo heftig op ...?' Het laat je inzien dat je dingen ook anders kunt interpreteren, en geeft meer mogelijkhedern voor oplossingen.
    • Normen en waarden.
      Denk aan dingen die je belangrijk vindt. Bedenk wat voor jou de belangrijkste dingen in het leven zijn, waarom ze zo belangrijk zijn en hoe ze je leven beÔnvloeden en je sociale contacten verlopen een stuk soepeler. Je eigen waarden kunnen bijvoorbeeld zijn: 'Ik ben een trouwe vriendin, een betrokken persoon, een creatieve probleem oplosser'.
    • Kortom anders doen.
      We zijn gewoonte mensen; we leven ons leven vaak jaren achtereen op dezelfde manier, ook als we daar niet gelukkig van worden. En dingen waar we wel van zouden opknappen, doen we niet, gewoon omdat we daar niet aan denken - sporten, een wandeling langs het strand, door het bos, of door het park.
      Er zijn heel veel manieren om jezelf uit 'je dip' te trekken. Soms is het beter om even iets heel anders te gaan doen.
    pl-5000-ntr-heide-andre-01.jpg
  • Fase III;
    Maak je dromen waar. De filosofie van Andrť van Kesteren.
    • Je toekomst is korter dan je verleden. Verspil daarom geen tijd door eerst uit te gaan rusten, maar maak meteen plannen en bedenk hoe je ze kunt realiseren.
    • Denk niet dat kan ik niet. Gewoon beginnen. Bijstellen kan altijd. Beter weten dat je het geprobeerd hebt, dan een onvervuld verlangen houden omdat je niet durfde.
    • Je ervaringen, werk en prestaties in het verleden zijn geweest en niet meer zo belangrijk. Neem positieve levenservaringen wel mee in de nieuwe levensfase
pl-7000-schrijven-k-01.jpg Op verhaal komen
De therapie: 'Op verhaal komen' is doeltreffend als u begeleiding vraagt, voor de verwerking van nare ervaring(en).
Het systematisch terughalen van herinneringen, life-review, is effectief. De therapie bestaat uit gemiddeld acht bijeenkomsten.

Mechanismen
Binnen de therapie van ĎOp verhaal komení zijn er vier mechanismen. Deze mechanismen dragen bij aan het verminderen van depressie- en angstklachten. Ten eerste kunnen we bijvoorbeeld van iemand de bitterheid verminderen door te wijzen op de balans van negatieve ťn positieve gebeurtenissen in het verleden. Ten tweede kunnen we voor mensen die blijven hangen in het verleden haalbare doelen in de toekomst vaststellen. Ten derde kunnen we mensen met verdrietige ervaringen ook lessen laten trekken hieruit: hoe heb je het probleem destijds aangepakt? Dit mechanisme kan werken bij nieuwe problemen die mensen tegenkomen. De laatste en ook meest effectieve techniek is de vraag om zoveel mogelijk positieve herinneringen te beschrijven en zo specifiek mogelijk.
Neem dan de brief uit fase I en ook de voorstadia van de uiteindelijke brief, mee op de zitting om daar te bespreken.
Middels fase II maken wij u flexibeler, en daardoor dus ontvankelijker voor nieuwe gezonde gewoontes.

pl-2000-onderhan-01.jpg
Leg het voor
Heeft u een vraag? Leg het voor aan psycholoog / therapeut Andre van Kesteren

Contact
Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

pl-0000-terug.gif Naar overzicht: TherapieŽn, trainingen & workshops
pl-0000-terug.gif Naar overzicht: Nieuws/Verhalen
pl-0000-omhoog.gif Naar boven overzicht: Verhalen




Heeft u nieuws, een vraag, een opmerking, of wilt u zelf uw verhaal vertellen, gebruik het Reactieformulier, of stuur een e-mail aan info@zonnekeer.nl

 

 

versie: 2 oktober 2014
De informatie die op deze site wordt gegeven, is in geen geval bedoeld als vervanging van medische adviezen. Iedereen met een aandoening of ziekte die medische zorg vereist, raden we dringend aan een bevoegde arts te raadplegen alvorens aan ťťn van de op deze site beschreven programmaís te beginnen. U wordt met aandacht en een kopje thee in een sfeervolle praktijk aan huis ontvangen. De praktijk is op de 1ste etage. Deze is per trap bereikbaar. Mocht u niet of slecht trappen kunnen lopen, dan is het mogelijk van de huislift gebruik te maken. Dat moet tevoren gemeld worden.
Tevens hebben wij 2 poezen in huis. Die zullen u niet lastig vallen, maar mocht u allergisch zijn voor katten, dan raden wij u aan geen behandeling te boeken. Alle (individuele) therapieŽn en of bijeenkomsten/behandelingen kunnen bij u thuis plaatsvinden. locatie van deze pagina: http://home-1.worldonline.nl/~kesteasy/zonnekeer/07205.htm
locatie van deze pagina: http://d205139.pem.kpn.net/pagina/07205.htm

 

© 2005 (- eerste versie.) Dit werk is auteursrechtelijk beschermd.
Deze uitgave is eigendom van de auteur. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur.